16.09.2025_Nieuwsbrief AN_verlegstrategie

Verlegstrategie onder de loep

17/09/2025Varkens > Advies
Als het over het verleggen van biggen gaat, heeft elk bedrijf een eigen visie. In de komende edities van Perspectief lichten we diverse strategieën toe. Dit keer: een bedrijf met vierwekensysteem waar biggen op drie weken gespeend worden.
Wekensysteem
Vierwekensysteem
Genetica
TN70*Groeibeer
Balanskooi
Ja
Automatische voedersysteem
Nee, clickfeeder
PG
37.1
Percentagesterfte
Vanaf wanneer start je met verleggen?

“We verleggen vanaf dat alle biggen 24 uur biest hebben kunnen opnemen. Tijdens deze eerste 24 uur leggen we eventueel kleine biggen bij een zeug met weinig biggen. Alternerend zogen passen we enkel toe bij zeugen met meer dan 20 biggen.”

Maak je gebruik van pleegzeugen?

“Ja, we hebben een 7-tal verkoopszeugen van de vorige groep in ons reservekraamhok. Hier leggen we ongeveer 10 kleine biggen per zeug bij, afkomstig van de gespeende groep. Deze biggen blijven bij de zeug tot de nieuwe groep zeugen geworpen hebben. Deze biggen worden gespeend en gaan naar de nursery. Onze zeugen werpen van maandag t.e.m. vrijdag. De zeugen van maandag gebruiken we ook als pleegzeugen. Op donderdag halen we alle biggen van deze zeugen weg en leggen we ze bij de verkoopszeugen. De zeugen van maandag vullen we dan aan met de grootste biggen. Ook zeugen die buiten de groep worden gedekt, gebruiken we als pleegzeug. Zo hebben we meestal voldoende pleegzeugen en hoeven we geen jonge biggen vroegtijdig te spenen.”

Hoe bepaal je hoeveel biggen er bij de zeug zelf blijft liggen?

“We kijken naar het aantal spenen. Eerst leggen we de jonge zeugen volledig vol, na drie dagen leggen we de jonge zeugen met één big minder volgens het aantal spenen. Bij de meerdereworps zeugen leggen we twee biggen minder volgens het aantal spenen. Momenteel hebben onze zeugen 16 spenen soms ook zeugen met 17 en 18 spenen.”

Tot hoeveel dagen verleg je?

“We verleggen tot drie dagen, daarna wordt er niet meer verlegd. Hierdoor kan er wel eens een kleinere big sterven, maar we hebben niet meer pleegzeugen en zijn geen voorstander van het voorspenen van jonge biggen.”

Welke aanpassingen zijn er de afgelopen jaren gedaan aan jullie verlegstrategie?

“Vroeger gingen we bij veel zeugen alternerend zogen toepassen nu doen we dit enkel bij zeugen met meer dan 20 levend geboren biggen. Dit bespaart arbeid en ons percentagesterfte is gelijk gebleven. In dat geval doen we de eerste 24 uur om de drie uur de beste biggen weg.”